Art. 4 Verordening (EEG) nr. 170/83
1. Het in artikel 3 bedoelde gedeelte dat voor de Gemeenschap beschikbaar is wordt zo onder de Lid-Staten verdeeld dat elke Lid-Staat een relatieve stabiliteit wordt gewaarborgd in de visserijactiviteiten met betrekking tot elk van de betrokken bestanden.
2. Op grond van de gegevens die worden aangedragen in het in artikel 8 bedoelde verslag stelt de Raad, volgens de procedure van artikel 43 van het Verdrag, de aanpassingen vast welke nodig zouden kunnen blijken in de verdeling van de bestanden over de Lid-Staten die het resultaat is van het bepaalde in lid 1.