Art. 54 Verordening (EEG) nr. 337/79
1. Op voorstel van de Commissie stelt de Raad met gekwalificeerde meerderheid van stemmen , zo nodig , de voorschriften vast met betrekking tot de omschrijving en de aanbiedingsvorm van de in artikel 1 genoemde produkten .
Totdat de in de eerste alinea bedoelde voorschriften van toepassing worden , gelden ter zake de door de Lid-Staten vastgestelde voorschriften .
2. De Lid-Staten kunnen het gebruik van een geografische aanduiding voor de benaming van een tafelwijn met name afhankelijk stellen van de voorwaarden dat deze wijn volledig van bepaalde uitdrukkelijk genoemde wijnstoksoorten is verkregen en uitsluitend afkomstig is van het nauwkeurig afgebakende gebied waarvan hij de naam draagt .
3. Onverminderd de vast te stellen aanvullende regels inzake de benaming van de produkten , is het gebruik van een geografische aanduiding voor de benaming van tafelwijnen welke zijn verkregen door versnijden van wijnen uit druiven uit verschillende wijnbouwgebieden evenwel toegestaan , indien ten minste 85 % van de door versnijding verkregen tafelwijn afkomstig is uit het wijnbouwgebied waarvan deze wijn de naam draagt . Voor het aanduiden van witte tafelwijn is het gebruik van een geografische aanduiding , welke betrekking heeft op een wijnbouwgebied binnen wijnbouwzone A of wijnbouwzone B evenwel slechts toegestaan indien de produkten waarmede wordt versneden afkomstig zijn uit de betreffende wijnbouwzone , of wanneer de betrokken wijn verkregen wordt door versnijding van tafelwijn van wijnbouwzone A en wijnbouwzone B .
4. Elke Lid-Staat draagt zorg voor de controle op de bescherming van de overeenkomstig het bepaalde in lid 2 omschreven tafelwijnen .
5. De uitvoeringsbepalingen van dit artikel worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 67 .