Art. 5 Eerste Richtlijn 79/267/EEG
In het kader van deze richtlijn moet worden verstaan onder :
a) rekeneenheid : de Europese rekeneenheid ( ERE ) zoals gedefinieerd in artikel 10 van het Financieel Reglement van 21 december 1977 van toepassing op de algemene begroting der Europese Gemeenschappen ( 6 ) ; telkens wanneer in deze richtlijn wordt verwezen naar de rekeneenheid , moet vanaf 31 december van elk jaar , als tegenwaarde ervan in nationale valuta in aanmerking worden genomen die welke gold op de laatste dag van de voorgaande maand oktober waarop de tegenwaarden van de ERE in alle valuta's van de Gemeenschap beschikbaar zijn ;
b) congruentie : het feit dat opeisbare verplichtingen in een muntsoort staan tegenover activa die in dezelfde muntsoort uitgedrukt of realiseerbaar zijn ;
c) lokalisatie van de activa : aanwezigheid van roerende of onroerende activa binnen een Lid-Staat zonder dat de roerende activa gedeponeerd behoeven te zijn en zonder dat ten aanzien van onroerende activa beperkende maatregelen zoals vermelding in de openbare registers van toepassing behoeven te zijn ; de activa , bestaande uit schuldvorderingen , worden geacht zich te bevinden in de Lid-Staat waar zij realiseerbaar zijn ;
d) risicodragend kapitaal : het bedrag dat gelijk is aan het overlijdenskapitaal verminderd met de wiskundige voorziening van het hoofdrisico .