Art. 13 Eerste Richtlijn 79/267/EEG

Eerste Richtlijn 79/267/EEG

1. Onder voorbehoud van lid 3 , mag geen enkele onderneming op het grondgebied van een Lid-Staat de in de bijlage van de eerste coordinatierichtlijn " schadeverzekering " bedoelde werkzaamheden gelijktijdig uitoefenen met de in artikel 1 van deze richtlijn vermelde werkzaamheden .

2. Indien een onderneming die de in de bijlage van de eerste coordinatierichtlijn " schadeverzekering " bedoelde werkzaamheden uitoefent , financiële , commerciële of administratieve banden heeft met een onderneming die de in deze richtlijn bedoelde werkzaamheden uitoefent , zien de toezichthoudende autoriteiten van de Lid-Staten op wier grondgebied zich de hoofdkantoren van deze ondernemingen bevinden , erop toe dat de rekeningen van de betrokken ondernemingen niet worden vervalst ten gevolge van tussen deze ondernemingen gesloten overeenkomsten of door regelingen die de verdeling van de kosten en inkomsten kunnen beïnvloeden .

3. Onder voorbehoud van lid 6 kunnen de ondernemingen die op het ogenblik van kennisgeving van deze richtlijn de twee in lid 1 bedoelde werkzaamheden gelijktijdig op het grondgebied van een Lid-Staat uitoefenen , deze daar blijven uitoefenen , mits zij overeenkomstig artikel 14 een gescheiden beheer voeren voor elk van deze werkzaamheden .

4. De in lid 3 bedoelde ondernemingen kunnen in de andere Lid-Staten slechts voor de in de bijlage van de eerste coordinatierichtlijn " schadeverzekering " genoemde branches agentschappen of bijkantoren oprichten .

5. De in lid 3 bedoelde ondernemingen kunnen bij de oprichting van dochterondernemingen in de andere Lid-Staten om de in deze richtlijn genoemde werkzaamheden uit te oefenen , indien zij daar niet reeds een agentschap of bijkantoor voor andere dan de onder deze richtlijn vallende branches hebben , gedurende een overgangsperiode van tien jaar na kennisgeving van deze richtlijn gebruik maken van de in artikel 35 vastgestelde voorwaarden en faciliteiten .

6. a ) Elke Lid-Staat kan de ondernemingen waarvan het hoofdkantoor op zijn grondgebied is gevestigd , ertoe verplichten binnen de door hem bepaalde termijn een einde te maken aan het gelijktijdig uitoefenen van de werkzaamheden die zij bij de kennisgeving van deze richtlijn verrichten .

b) Elke Lid-Staat kan na overleg met de toezichthoudende autoriteiten van de Lid-Staat van het hoofdkantoor over met name de tijd waarbinnen deze verrichting moet plaatsvinden , deze verplichting ook opleggen aan de op zijn grondgebied gevestigde agentschappen en bijkantoren die aldaar de twee soorten werkzaamheden gelijktijdig uitoefenen .

c) De agentschappen en bijkantoren van de in lid 3 bedoelde ondernemingen die , op het ogenblik van kennisgeving van deze richtlijn op het grondgebied van een Lid-Staat uitsluitend de in deze richtlijn bedoelde werkzaamheden uitoefenen , kunnen hun werkzaamheden aldaar blijven verrichten . Indien de onderneming de in de eerste coordinatierichtlijn " schadeverzekering " bedoelde werkzaamheden op dit grondgebied wil uitoefenen , mag zij de in deze richtlijn bedoelde werkzaamheden slechts uitoefenen via een dochteronderneming .

Vorige artikelen

Volgende artikelen