Art. 10 Verordening (EEG) nr. 1391/78
1. Algehele of gedeeltelijke verwerving van een bedrijf dat melk of zuivelprodukten levert door een begunstigde tijdens de duur van zijn verplichtingen , heeft niet tot gevolg dat deze verplichtingen ook voor de verkregen oppervlakten gelden , indien :
a) het een erfenis of een andere overgang om niet betreft voor zover het verworven bedrijf of bedrijfsgedeelte totaal afgezonderd blijft van het op het tijdstip van de goedkeuring van de aanvraag bestaande bedrijf , of
b) de verwerving geschiedt met het oog op een verandering van bedrijf en indien het eerste bedrijf uiterlijk aan het einde van de lopende vegetatieperiode wordt overgedragen met de in artikel 6 , lid 1 , eerste alinea , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 bedoelde verbintenis van de opvolger .
2. Voor een door een begunstigde na het begin van de periode voor het niet in de handel brengen of voor de omschakeling verkregen en door hem gedurende deze periode afgestane oppervlakte , wordt deze oppervlakte vrijgesteld van verplichtingen vanaf de datum van deze laatste overdracht , behalve indien de persoon aan wie afgestaan wordt zelf door overeenkomstige verplichtingen gebonden is .