Art. 1 Verordening (EEG) nr. 1391/78

Verordening (EEG) nr. 1391/78

1. In de zin van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 en van deze verordening worden aangemerkt als

a) " melkkoe " : het vrouwelijke rund , huisdier , dat voor commerciële melkproduktie geschikt is en ten minste éénmaal heeft gekalfd ; een drachtige vaars wordt eveneens als melkkoe aangemerkt ;

b) " melkvee " : alle vrouwelijke runderen , huisdieren , van minstens zes maanden , die voor commerciële melkproduktie geschikt zijn ;

c) " koe van een vleesras " : het vrouwelijke rund , huisdier , dat ten minste éénmaal heeft gekalfd en tot een van de rassen behoort die door de bevoegde instantie van elke Lid-Staat als geschikt voor de vleesproduktie zijn erkend ; een drachtige vaars van een vleesras wordt eveneens als een koe van een vleesras aangemerkt ;

d) " oppervlakte voor de teelt van voedergewassen " het gehele landbouwareaal dat wordt geëxploiteerd door een producent als bedoeld in artikel 5 , sub a ) , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 .

2. Als melkkoe of koe van een vleesras worden slechts de vaarzen aangemerkt waarvoor de begunstigde ten genoegen van de bevoegde instantie aantoont , dat deze hebben gekalfd of verworpen binnen negen maanden na het tijdstip waarop zij voor de in deze verordening vastgestelde rechten en verplichtingen in aanmerking zijn genomen .

3. Voor de vaststelling van de voor de berekening van de premie in aanmerking te nemen hoeveelheid melk :

a) worden de volgende omrekeningscoëfficiënten toegepast op de door de producent in de periode van twaalf kalendermaanden voorafgaande an de dag van de indiening van de aanvraag geleverde zuivelprodukten :

- 1 kg melk komt overeen met 1 liter melk ,

- 1 kg boter komt overeen met 23 liter melk ,

- 1 kg kaas komt overeen met 10 liter melk ,

- 1 kg melkvet komt overeen met 27 liter melk ;

b) wordt de hoeveelheid melk , die voortvloeit uit toepassing van het bepaalde sub a ) , in voorkomend geval , naar evenredigheid verminderd :

- overeenkomstig artikel 2 , lid 1 , en artikel 3 , lid 1 , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 in het geval dat het op het bedrijf gehouden aantal melkkoeien , op het tijdstip van goedkeuring van de aanvraag minder zou bedragen dan het aantal melkkoeien , dat passend is bij de bovengenoemde hoeveelheid melk ,

- op grond van een eventuele aanvullende aanpassing in het geval dat wordt vastgesteld dat gedurende de periode tussen het tijdstip van indiening van de aanvraag en het tijdstip van goedkeuring ervan , de aanvrager zijn in artikel 2 , lid 2 , sub b ) , tweede of derde streepje , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 bedoelde verbintenissen niet zou zijn nagekomen met betrekking tot zijn melkvee , met uitzondering van de melkkoeien die overeenkomstig het bepaalde bij het voorgaande streepje tot een vermindering leiden ; deze aanpassing wordt berekend op basis van het aantal betrokken grootvee-eenheden , zoals bedoeld in artikel 2 , lid 1 , sub b ) .

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Volgende artikelen