Art. 14 Richtlijn 76/308/EEG

Richtlijn 76/308/EEG

De aangezochte autoriteit is niet gehouden :

a) de in de artikelen 6 tot en met 13 genoemde bijstand te verlenen , indien de invordering van de schuldvordering , wegens de situatie van de debiteur , ernstige moeilijkheden van economische of sociale aard zou kunnen opleveren in de Lid-Staat waar zij gevestigd is ;

b) over te gaan tot invordering van de schuldvordering wanneer de verzoekende autoriteit , op het grondgebied van de Lid-Staat waar zij gevestigd is , niet alle middelen tot invordering van genoemde schuldvordering heeft uitgeput .

De aangezochte autoriteit brengt de verzoekende autoriteit op de hoogte van de beweegredenen die zich verzetten tegen het voldoen aan het verzoek tot bijstand . Deze met redenen omklede weigering wordt tevens ter kennis van de Commissie gebracht .