Art. 3 Verordening (EEG) nr. 1411/71

Verordening (EEG) nr. 1411/71

1. Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder

a) melk : het door het melken van één of meer koeien verkregen produkt ;

b) consumptiemelk : de volgende produkten , die bestemd zijn om als zodanig aan de consument te worden geleverd :

- rauwe melk : melk die niet is verwarmd of geen behandeling met een gelijkwaardige uitwerking heeft ondergaan ;

- volle melk : melk die in een melkverwerkend bedrijf ten minste een warmtebehandeling of een toegestane behandeling met een gelijkwaardige uitwerking heeft ondergaan en een natuurlijk vetgehalte heeft van ten minste 3,50 % of een vetgehalte dat op ten minste 3,50 % is gebracht ;

- halfvolle melk : melk die in een melkverwerkend bedrijf ten minste een warmtebehandeling of een toegestane behandeling met een gelijkwaardige uitwerking heeft ondergaan en waarvan het vetgehalte is gebracht op een gehalte van ten minste 1,50 % en ten hoogste 1,80 % ;

- magere melk : melk die in een melkverwerkend bedrijf ten minste een warmtebehandeling of een toegestane behandeling met een gelijkwaardige uitwerking heeft ondergaan en waarvan het vetgehalte is gebracht op een gehalte van ten hoogste 0,30 % .

2. Onverminderd het gebruik in samengestelde benamingen en onder voorbehoud van de volgens artikel 4 vast te stellen voorschriften mogen de in lid 1 bedoelde omschrijvingen slechts voor de daar genoemde produkten worden gebruikt .

3. Het in deze verordening in procenten uitgedrukte vetgehalte is de gewichtsverhouding van de delen melkvetstof tot 100 delen van de betrokken melk .

4. Het voor consumptiemelk voorgeschreven vetgehalte mag , zo dit niet in natuurlijke staat aanwezig is , slechts worden verkregen door toevoeging of verwijdering van melk of room of door toevoeging van magere of halfvolle melk . Andere wijzigingen van de samenstelling van consumptiemelk zijn niet toegestaan .