Art. 12 Verordening (EEG) nr. 1017/68, Beschikking tot toepassing van artikel 5 _ Verzetsprocedure

Verordening (EEG) nr. 1017/68

1. Ondernemingen en ondernemersverenigingen die ten gunste van de overeenkomsten , besluiten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen , als bedoeld in artikel 2 en waaraan zij deelnemen , een beroep wensen te doen op artikel 5 , kunnen een verzoek bij de Commissie indienen .

2. Indien de Commissie het verzoek ontvankelijk acht , maakt zij , zodra zij over alle stukken van het dossier beschikt en op voorwaarde dat er geen procedure op grond van artikel 10 tegen de overeenkomst , het besluit of de onderling afgestemde feitelijke gedraging is ingeleid , zo spoedig mogelijk in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen de essentiële inhoud van het verzoek bekend en nodigt zij alle belanghebbende derden uit , haar binnen 30 dagen hun opmerkingen kenbaar te maken . Bij de bekendmaking wordt rekening gehouden met het rechtmatige belang van de ondernemingen dat hun zakengeheimen niet aan de openbaarheid worden prijsgegeven .

3. Indien de Commissie niet binnen een termijn van 90 dagen na de dag van de bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen de verzoekers mededeelt dat er ten aanzien van de toepasselijkheid van artikel 5 ernstige twijfel bestaat , wordt de overeenkomst , het besluit of de onderling afgestemde feitelijke gedraging zoals in het verzoek beschreven , geacht voor de voorafgaande tijd en voor ten hoogste drie jaar na de dag van de bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen van het verbod vrijgesteld te zijn .

Indien de Commissie na het verstrijken van de termijn van 90 dagen , maar v}}r het verstrijken van de termijn van drie jaar vaststelt dat aan de voorwaarden voor de toepassing van artikel 5 niet is voldaan , geeft zij een beschikking waarbij het verbod van artikel 2 van toepassing wordt verklaard . Deze beschikking kan terugwerkende kracht hebben indien de betrokkenen onjuiste gegevens hebben verstrekt of indien zij misbruik maken van de vrijstelling van artikel 2 .

4. Wanneer de Commissie binnen deze termijn van 90 dagen de verzoekende ondernemingen de in de eerste alinea van lid 3 bedoelde mededeling heeft toegezonden , onderzoekt zij of de voorwaarden van artikel 2 en van artikel 5 zijn vervuld .

Indien zij vaststelt dat aan de voorwaarden van artikel 2 en van artikel 5 is voldaan , geeft zij een beschikking tot toepassing van artikel 5 . In deze beschikking is de datum vermeld , met ingang waarvan zij in werking treedt . Dit kan een vroegere datum zijn dan die van het verzoek .

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen