Art. 9 Richtlijn 64/432/EEG

Richtlijn 64/432/EEG

1. Een Lid-Staat kan , indien er gevaar bestaat voor verbreiding van dierziekten door de overbrenging van runderen of varkens uit een andere Lid-Staat naar zijn grondgebied , onderstaande maatregelen treffen :

a) indien er zich in deze andere Lid-Staat een epizootische veeziekte voordoet , kan hij de overbrenging van runderen en varkens van uit de delen van het grondgebied van deze staat , waar deze ziekte zich heeft voorgedaan , tijdelijk verbieden of beperken ;

b) indien een epizootische veeziekte zich snel uitbreidt of in geval van een nieuwe ernstige en besmettelijke dierziekte , kan hij de overbrenging van runderen of varkens uit het gehele grondgebied van deze staat tijdelijk verbieden of beperken .

2. De maatregelen die een Lid-Staat uit hoofde van het bepaalde in lid 1 heeft genomen , moeten binnen een termijn van tien werkdagen ter kennis van de overige Lid-Staten en van de Commissie worden gebracht met nauwkeurige vermelding van de gronden waarop zij berusten .

3. Indien de betrokken Lid-Staat het in lid 1 bedoelde verbod of beperkingen ongerechtvaardigd acht , kan hij zich tot de Commissie wenden , ten einden de onverwijlde opening van besprekingen te verkrijgen .

Uitspraken die dit artikel aanhalen