Art. 6 Richtlijn 64/432/EEG
1. Iedere Lid-Staat doet de andere Lid-Staten en de Commissie een lijst toekomen van de grenskantoren , die bij de overbrenging van runderen en varkens naar zijn grondgebied moeten worden benut .
Voor zover aan de veterinairrechtelijke voorschriften is voldaan , moet bij de keuze van de grenskantoren rekening worden gehouden met de handelsroutes en met alle in aanmerking komende takken van vervoer .
2. Elk land van bestemming kan eisen dat de afzender of zijn lasthebber hem van te voren in kennis stelt van het binnenkomen op zijn grondgebied van een zending runderen en varkens , van de soort , de aard en het aantal daarvan , van de plaats van grensoverschrijding , alsmede van de voorzienbare tijd van aankomst . Het kan echter niet eisen dat deze mededeling hem eerder dan 48 uur v}}r het binnenkomen van de zending op zijn grondgebied bereikt .
3. Ieder land van bestemming kan de overbrenging van runderen en varkens naar zijn grondgebied verbieden , indien bij een onderzoek aan het grenskantoor door een officiële dierenarts is vastgesteld :
a) dat deze dieren lijden aan , of er van verdacht worden te lijden aan of te zijn besmet met een ziekte waarvoor aangifteplicht bestaat , of
b) dat het bepaalde in de artikelen 3 en 4 voor deze dieren niet in acht is genomen .
Het land van bestemming kan de nodige maatregelen , waaronder quarantainemaatregelen , treffen om het geval op te helderen van dieren die ervan worden verdacht te lijden aan of te zijn besmet met een ziekte waarvoor aangifteplicht bestaat of een gevaar op te leveren voor de verbreiding van een dergelijke ziekte .
In de besluiten genomen krachtens de eerste en tweede zin dient bepaald te worden dat terugzending op verzoek van de afzender of van zijn lasthebber is toegestaan , voor zover daar uit sanitair oogpunt geen bezwaren tegen bestaan .
4. Wanneer de overbrenging van de dieren is verboden om een van de in lid 3 , sub a ) , bedoelde redenen en wanneer het land van verzending of , in voorkomend geval , het land van doorvoer de terugzending niet binnen 8 uur toestaat , kan de bevoegde autoriteit van het land van bestemming opdracht geven genoemde dieren te slachten of te doden .
5. De slachtdieren moeten , in overeenstemming met de veterinairrechtelijke eisen , zo spoedig mogelijk na hun aankomst in het slachthuis , worden geslacht . De slachtdieren die onmiddellijk na aankomst in het land van bestemming zijn geleid naar een naast een slachthuis gelegen markt , waarvoor de regeling geldt dat alle dieren , met name na afloop van de markt , uitsluitend mogen worden geleid naar een slachthuis waarvoor hiertoe door de bevoegde centrale autoriteit toestemming is verleend , moeten uiterlijk 72 uur nadat zij op de markt zijn gebracht in dit slachthuis worden geslacht .
De bevoegde autoriteit van het land van bestemming kan , om veterinairrechtelijke redenen , het slachthuis aanwijzen waarnaar deze dieren moeten worden gezonden .
6. Wanneer er zich na de overbrenging van fok - of gebruiksdieren naar het grondgebied van het land van bestemming omstandigheden voordoen die toepassing van lid 3 , eerste volzin , zouden hebben gerechtvaardigd , moet de bevoegde centrale autoriteit van het land van verzending op verzoek van de bevoegde centrale autoriteit van het land van bestemming de vereiste onderzoekingen doen verrichten en haar onverwijld van het resultaat hiervan in kennis stellen .
7. Krachtens de leden 3 tot en met 5 door de bevoegde autoriteit genomen besluiten moeten ter kennis worden gebracht van de afzender of van zijn lasthebber met vermelding van de redenen . Wanneer hierom wordt verzocht , moeten deze gemotiveerde besluiten hem onverwijld schriftelijk worden meedegedeeld met vermelding van de beroepsmogelijkheden die het geldende recht biedt , alsook van de wijze waarop en de termijn waarbinnen deze moeten worden aangewend . Deze besluiten moeten eveneens ter kennis worden gebracht van de bevoegde centrale autoriteit van het land van verzending .