ABRvS 23 juli 2025, ECLI:NL:RVS:2025:3447
Deze uitspraak heeft betrekking op zestien hogerberoepszaken en één herzieningszaak waarin [appellant] appellant respectievelijk verzoeker is. De onderscheidenlijke hoger beroepen en het verzoek zijn op verschillende momenten ingediend. Het gaat in de hoger beroepen om uitspraken van verschillende rechtbanken in geschillen met verschillende bestuursorganen en over diverse onderwerpen. In twee zaken - met nrs. 202303556/1/A3 en 202407346/1/A3 - gaat het om uitspraken van de rechtbank Rotterdam waarbij 25 respectievelijk 32 verzetten ongegrond zijn verklaard. Voor het verdere procesverloop in de zaken wordt verwezen naar de aangevallen uitspraken en de uitspraak van de Afdeling waarvan herziening wordt verzocht. [appellant] voert al twintig jaar buitengewoon veel procedures tegen diverse bestuursorganen en instanties, bij burgerlijke rechters en bij bestuursrechters, over allerlei kwesties en besluiten en over het niet tijdig nemen van besluiten, veelal, maar zeker niet uitsluitend, over of naar aanleiding van informatieverzoeken. Het gaat in totaal inmiddels om vele honderden procedures.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 20 juni 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2800
- ABRvS 19 juni 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2802
- ABRvS 16 april 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1667
- ABRvS 16 april 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1670
- Rb. Rotterdam 15 november 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:11383
- ABRvS 27 maart 2024, ECLI:NL:RVS:2024:1278
- ABRvS 8 november 2023, ECLI:NL:RVS:2023:4063
- Rb. Rotterdam 3 mei 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:4625
- ABRvS 12 april 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1450
- EHRM 15 december 2022, ECLI:CE:ECHR:2022:1215JUD003551120
- ABRvS 22 mei 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1655
- ABRvS 31 oktober 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3558
- ABRvS 6 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3310
- ABRvS 31 januari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3628
- ABRvS 19 november 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4129
- EHRM 18 mei 2004, ECLI:CE:ECHR:2004:0518DEC006720801