ABRvS 2 juli 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2969

Bij besluit van 1 april 2021 heeft het college het verzoek van Stichting Brabantse Milieufederatie om de vergunning van DOVO B.V. van 16 januari 2016 op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 gedeeltelijk in te trekken op grond van artikel 5.4, tweede lid, van de Wet natuurbescherming, afgewezen. BMF heeft het college verzocht om de natuurvergunning van DOVO B.V., gevestigd aan de Larestraat 2a in Esbeek, in te trekken voor wat betreft stal 3, omdat deze nog niet is gerealiseerd. Daarbij heeft BMF betoogd dat in het Natura 2000-gebied "Kempenland-West" al sprake is van een overschrijding van de kritische depositiewaarde en er een verslechtering dreigt. Daarom zijn volgens BMF passende maatregelen nodig, zoals bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Habitatrichtlijn, waarnaar wordt verwezen in artikel 5.4, tweede lid, van de Wnb.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken