ABRvS 1 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:772
Bij besluit van 19 juli 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de kinderopvangtoeslag van [appellante] over 2017 definitief berekend en vastgesteld. Daarbij is tevens het te veel betaalde voorschot, met rente, van haar teruggevorderd. Deze zaak gaat hoofdzakelijk om de vraag of [appellante] in januari 2018 nog kinderopvangtoeslag kon aanvragen voor de maanden februari tot en met september 2017. Op 4 januari 2018 heeft [appellante] bij de Belastingdienst/Toeslagen kinderopvangtoeslag met terugwerkende kracht over 2017 aangevraagd voor de opvang van haar zoon. Bij besluit van 9 februari 2018 heeft de dienst aan haar een voorschot kinderopvangtoeslag toegekend van € 4.657,-. Het voorschot is berekend over de maanden oktober tot en met december 2017, waarbij de dienst is uitgegaan van 230 opvanguren per maand tegen een uurtarief van € 7,18. De Belastingdienst/Toeslagen heeft zich op het standpunt gesteld dat het sinds 1 januari 2014 beperkt mogelijk is om kinderopvangtoeslag aan te vragen met terugwerkende kracht en dat [appellante] alleen kinderopvangtoeslag kan krijgen voor de drie kalendermaanden voorafgaand aan de maand waarin zij de aanvraag heeft gedaan.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 8 juni 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1628
- ABRvS 18 mei 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1441
- CBb 29 maart 2022, ECLI:NL:CBB:2022:134
- ABRvS 23 oktober 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3536
- HR 18 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:729
- CRvB 19 juli 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2622
- HR 19 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3679
- ABRvS 28 januari 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BH1142
- HR 14 april 1989, ECLI:NL:HR:1989:AD5725
- HR 12 april 1978, ECLI:NL:HR:1978:AC2432
- HR 12 april 1978, ECLI:NL:HR:1978:AM4447
- HR 12 april 1978, ECLI:NL:HR:1978:AX3264
- CRvB 18 februari 1975, ECLI:NL:CRVB:1975:1
- CRvB 18 februari 1975, ECLI:NL:CRVB:1975:ZB0069