ABRvS 7 juni 2023, ECLI:NL:RVS:2023:2220
Bij besluit van 28 december 2018 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het recht op zorgtoeslag voor het jaar 2018 vastgesteld op € 190,00 en het kindgebonden budget op € 1.410,00. [appellante] woont sinds 8 november 2016 met haar minderjarige dochter op het adres [locatie]. De broer van [appellante] heeft van 14 september 2017 tot 12 oktober 2018 bij haar in huis gewoond. De Belastingdienst/Toeslagen heeft de broer van [appellante] in de periode van januari 2018 tot november 2018 als toeslagpartner aangemerkt. De dienst heeft als gevolg daarvan bij besluit van 28 december 2018 het recht op zorgtoeslag en kindgebonden budget van [appellante] voor het jaar 2018 herzien. [appellante] is het er niet mee eens dat haar broer als toeslagpartner is aangemerkt en dat zij als gevolg hiervan voorschotten moet terugbetalen.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 3 mei 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1725
- ABRvS 1 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:772
- ABRvS 1 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:807
- ABRvS 16 november 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3309
- ABRvS 27 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2175
- ABRvS 8 juni 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1628
- ABRvS 23 oktober 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3536
- ABRvS 6 september 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2397