ABRvS 14 januari 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BH0140

Procesbelang / verlening verblijfsvergunning op de d-grond / verkrijgen motivering weigering verblijfsvergunning op de a, b of c-grond Het reeds bij de verlening van de verblijfsvergunning op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder d, van de Vw 2000 kunnen kennisnemen van de motivering die ten grondslag ligt aan de weigering van een verblijfsvergunning op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a, b of c, van de Vw 2000, kan voor de vreemdeling weliswaar in processueel opzicht relevant zijn, maar verschaft haar niet een gunstiger materiële rechtspositie. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat thans onzeker is, of de verleende verblijfsvergunning binnen vijf jaar zal worden ingetrokken op de voet van artikel 32, eerste lid, aanhef en onder c, van de Vw 2000, of gevolgd zal worden door een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd als bedoeld in artikel 33 van de Vw 2000. Indien tot intrekking dan wel niet-verlening van de vergunning wordt besloten, zal daarbij die motivering alsnog kunnen worden verkregen en zal de terzake bevoegde rechter kunnen treden in de toetsing van het oordeel over de gronden waarop de verblijfsvergunning niet is verleend.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen