Rb. Zeeland-West-Brabant 23 april 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:3314

De rechtbank beoordeelt in deze uitspraak het beroep van eiser tegen de beslissing op bezwaar van 28 augustus 2025, waarbij het college en de burgemeester het bezwaar van eiser ongegrond verklaard hebben. Daarmee zijn de last onder dwangsom van 12 maart 2025 en het invorderingsbesluit van 21 april 2025 (onder aanvullende motivering) in stand gelaten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken