Rb. Rotterdam 21 februari 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:2085
Financieel toezicht. De AFM heeft aan eiseres wegens een overtreding van artikel 4:11, tweede lid, van de Wft een bestuurlijke boete opgelegd van € 2.500.000,-. De AFM stelt dat eiseres in totaal acht onderliggende overtredingen heeft begaan. Het gaat hierbij onder meer om meerdere overtredingen van artikel 4:19, tweede lid, van de Wft en een tweetal andere overtredingen. Deze overtredingen tezamen leiden volgens de AFM tot de conclusie dat eiseres geen adequaat beleid voerde dat een integere uitoefening van haar bedrijf waarborgde. De rechtbank komt in deze tussenuitspraak tot de conclusie dat de AFM een deel van de overtredingen die zij aan eiseres verwijt niet heeft aangetoond en dat een aantal van deze overtredingen niet ernstig zo ernstig is als de AFM stelt. De rechtbank stelt de AFM in de gelegenheid om met inachtneming van de uitspraak van de rechtbank een beter gemotiveerd standpunt in te nemen.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 6:230b BW6
- Artikel 6:230j BW6
- Artikel 7:940 BW7
- Artikel 7:941 BW7
- Artikel 7:942 BW7
- Artikel 7:943 BW7
- Artikel 8:41a Awb
- Artikel 8:72a Awb
- Artikel 8:80a Awb
- Artikel 1:1 Wft
- Artikel 1:117 Wft
- Artikel 1:120 Wft
- Artikel 2:27 Wft
- Artikel 2:80 Wft
- Artikel 2:105 Wft
- Artikel 4:5 Wft
- Artikel 4:11 Wft
- Artikel 4:15 Wft
- Artikel 4:19 Wft
- Artikel 4:20 Wft