Rb. Rotterdam 14 mei 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:4235
Boete opgelegd aan een bedrijf voor het invoeren van diergeneesmiddelen zonder een invoervergunning en het afleveren van diergeneesmiddelen aan een niet-vergunninghouder. De overtredingen zijn terecht vastgesteld maar de opgelegde boete is te hoog. Verweerder heeft een omzetgerelateerde boete opgelegd. De rechtbank plaats vraagtekens bij de berekeningen van verweerder ten aanzien van het behaalde economisch voordeel. Onduidelijk blijft hoeveel het precies is, zodat niet kan worden vastgesteld of het voordeel het standaardboetebedrag aanmerkelijk overschrijdt. Bovendien ziet de rechtbank in deze zaak niet een zodanige bijzonderheid dat dit de uitzonderlijke toepassing van een omzetgerelateerde boete rechtvaardigt. Niet gebleken van opzettelijk handelen, frauderen of calculerend gedrag; de administratie van eiseres is door de NVWA ook in orde bevonden. De rechtbank stelt zelf de boete vast op in totaal € 12.500, gebaseerd op de standaardboetebedragen die voor deze overtredingen gelden met daarop deels een matiging toegepast vanwege de geringe risicos.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 1 Sr
- Artikel 5:46 Awb
- Artikel 8:72a Awb
- Artikel 1.1 Wet dieren
- Artikel 2.19 Wet dieren
- Artikel 1.1 Besluit diergeneesmiddelen
- Artikel 5.4 Besluit diergeneesmiddelen
- Artikel 5.7 Besluit diergeneesmiddelen
- Artikel 4.2 Besluit diergeneesmiddelen 2022
- Artikel 4.3 Besluit diergeneesmiddelen 2022
- Artikel 88