Rb. Rotterdam 25 juli 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:6011
ACM handhaaft met een last onder dwangsom het verbod om bemiddelingskosten in rekening te brengen aan de consument-huurder die door de huurbemiddelaar worden gemaakt in het geval van tweezijdige bemiddeling. Dit levert volgens ACM namelijk een oneerlijke handelspraktijk op. Het betoog dat ACM handelt in strijd met het verbod van willekeur slaagt. Verzoekster heeft namelijk een lijst overgelegd van 22 huurbemiddelaars uit dezelfde regio die ook kosten in rekening brengen, maar die ACM ongemoeid heeft gelaten. Deze selectieve wijze van handhaving leidt mogelijk tot concurrentievervalsing.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 4:17 BW4
- Artikel 10 Wob
- Artikel 6:193b BW6
- Artikel 7:264 BW7
- Artikel 7:401 BW7
- Artikel 7:406 BW7
- Artikel 7:417 BW7
- Artikel 7:425 BW7
- Artikel 7:427 BW7
- Artikel 8:81 Awb
- Artikel 1.1 Wet handhaving consumentenbescherming
- Artikel 8.8 Wet handhaving consumentenbescherming
- Artikel 12u Instellingswet Autoriteit Consument en Markt
Aangehaalde uitspraken
- CBb 30 april 2019, ECLI:NL:CBB:2019:162
- CBb 25 januari 2018, ECLI:NL:CBB:2018:7
- HR 31 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:567
- ABRvS 28 december 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3479
- HR 16 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3099
- CBb 25 juni 2015, ECLI:NL:CBB:2015:219
- CBb 22 januari 2015, ECLI:NL:CBB:2015:6
- CBb 7 mei 2014, ECLI:NL:CBB:2014:163
- ABRvS 28 maart 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BQ0249