Rb. Rotterdam 4 februari 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:810
ACM heeft een bestuurlijke boete opgelegd wegens overtreding van artikel 7.4a lid 3 Telecommunicatie. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de gratis aanbieding van de app tot gevolg dat sprake is van een koppeling van het tarief van het abonnement aan de internetdienst, omdat de abonnee die gebruik maakt van deze app een nultarief betaalt, terwijl voor de overige internetdiensten wel betaald moet worden. In zoverre is sprake van (verboden) tariefdifferentiatie. De rechtbank is niet gebleken dat het evenredigheidsbeginsel zich verzet tegen de inzet van het boete-instrument, dit temeer nu eiseres de overtreding heeft begaan nadat ACM eiseres had gewaarschuwd dat zij een eerdere vergelijkbare overtreding had begaan. De rechtbank acht een boete van € 200.000 in dit geval passend en geboden. Een – in het laagste gedeelte van de bandbreedte gelegen – boete van deze omvang doet naar het oordeel van de rechtbank voldoende recht aan de omstandigheid dat nog niet eerder door ACM een boete was opgelegd op grond van artikel 7.4a lid 3 Tw en ten tijde van de overtreding nog geen rechtspraak voorhanden was waarin was geoordeeld over vergelijkbare gevallen.
De uitspraak op rechtspraak.nl