Rb. Rotterdam 20 april 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:2940

ACM heeft T-Mobile gelast te stoppen met het aanbieden en het uitvoeren van de dienst Datavrije Muziek onder verbeurte van een dwangsom. Ter zitting blijkt dat VodafoneZiggo het niet eens is met de verregaande opschorting door ACM van de last gedurende een eventuele prejudiciële vraag. Het ter zitting - als onderdeel van de pleitnota - overgelegde bezwaarschrift merkt de rechtbank aan als te zijn doorgezonden in de zin van artikel 7:1a, zesde lid, van de Awb. ACM stelt zich op het standpunt dat “zero-rating” in strijd is met artikel 3, tweede en derde lid, van de netneutraliteitsverordening en met artikel 7.4a, derde lid, van de Tw. De rechtbank is van oordeel dat de neutraliteitsverordening en in het bijzonder artikel 3 van de verordening zonder twijfel geen categorisch verbod op prijsdiscriminatie bevat (‘acte clair’). Artikel 7.4a, derde lid, van de Tw is dan ook onmiskenbaar in strijd met de netneutraliteitsverordening. De rechtbank merkt in dit verband op dat geen andere conclusie mogelijk is dan dat de nationale wetgever tegen beter weten in heeft gehandeld door artikel 7.4a, derde lid, van de Tw, in weerwil van de totstandskomingsgeschiedenis en de tekst van artikel 3 van de netneutraliteitsverordening, te handhaven op basis van “nadere bestudering van de tekst van de verordening”.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken