Rb. Rotterdam 3 juni 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:4107
Verweerder heeft de invoer van vlees met been in de EU geweigerd. Sprake is van tenminste enig spoedeisend belang bij het treffen van een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter komt tot het voorlopig oordeel dat de partij vlees in het bestreden besluit terecht voor invoer in de EU geweigerd is en bestemd is voor destructie. De dierenarts van verweerder heeft diverse organoleptische afwijkingen vastgesteld die duiden op bederf. Gelet op deze constateringen heeft de dierenarts vanuit zijn deskundigheid de partij terecht als onveilig in de zin van artikel 14 van Verordening (EG) nr. 178/2002 aangemerkt. De partij voldoet derhalve niet aan de eisen van de communautaire wetgeving en is niet geschikt voor menselijke consumptie. In bezwaar zal het bestreden besluit naar verwachting in stand blijven. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl