Rb. Oost-Brabant 12 april 2024, ECLI:NL:RBOBR:2024:1490

In het bestreden besluit actualiseert het college deze omgevingsvergunningen en worden andere en strengere voorschriften aan de inrichting gesteld op basis van gewijzigde BBT conclusies. Vergunninghouder en een huurder tekenen hier beroep tegen aan. De rechtbank merkt hen beiden aan als belanghebbende. De rechtbank geeft een beoordelingskader voor de wijziging van voorschriften vanwege de ontwikkeling van technische mogelijkheden (nieuwe BBT conclusies). In de voorschriften zijn verschillende varianten van goedkeuringseisen opgenomen. De rechtbank is verder van oordeel dat de rechtsbescherming tegen een goedkeuringseis met rechtsgevolg is onvoldoende. De rechtbank ziet in afdeling 16.7 van de Omgevingswet geen bijzondere bekendmakings- of publicatieverplichtingen voor goedkeuringsbesluiten. In het besluit worden ook emissie-eisen gesteld. Hierbij wordt de strengste norm binnen de bandbreedte van de BBT opgelegd met de mogelijkheid om af te wijken na een goedgekeurde onderbouwing. Het college heeft onvoldoende onderzocht of het opleggen van de strengste norm in dit geval wel evenwichtig is . Ook hier wreekt zich dat de rechtsbescherming tegen het besluit over goedkeuring niet in de Wabo of de Omgevingswet is geregeld. Een dergelijk besluit wordt voorbereid met de reguliere procedure terwijl de wijziging van de omgevingsvergunning wordt voorbereid met de uitgebreide voorbereidingsprocedure

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken