Rb. Noord-Nederland 3 september 2025, ECLI:NL:RBNNE:2025:3822
Deze zaak gaat over de afwijzing van de aanvragen van eisers om vergoeding voor immateriële schade als gevolg van de aardbevingsproblematiek. In het bijzonder gaat het over de door het IMG gehanteerde ondergrens voor het toekennen van een vergoeding van immateriële schade. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het IMG een correcte ondergrens hanteert. Eisers halen deze ondergrens niet en er doen zich geen bijzondere omstandigheden voor die toch recht geven op deze vergoeding. De beroepen zijn ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Noord-Nederland 12 juni 2024, ECLI:NL:RBNNE:2024:2545
- Rb. Noord-Nederland 31 januari 2024, ECLI:NL:RBNNE:2024:237
- Rb. Noord-Nederland 8 november 2023, ECLI:NL:RBNNE:2023:4941
- Rb. Noord-Nederland 20 april 2023, ECLI:NL:RBNNE:2023:1585
- Rb. Noord-Nederland 1 november 2021, ECLI:NL:RBNNE:2021:4668
- Hof Arnhem-Leeuwarden 17 december 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:10717
- HR 19 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1278
- Rb. Noord-Nederland 1 maart 2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:715