Rb. Den Haag 18 februari 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:2170
Aanvullende verwijzingsuitspraak geloofwaardigheidsbeoordeling asiel – deze rechtbank en zittingsplaats heeft op 7 januari 2025 in twee procedures prejudiciële vragen gesteld over het beleid op grond waarvan verweerder vanaf 1 juli 2024 de geloofwaardigheid van een asielrelaas beoordeelt (ECLI:NL:RBDHA:2025:136 en ECLI:NL:RBDHA:2025:139). De rechtbank heeft het Hof verzocht om deze procedures te voegen en om de prejudiciële vragen te behandelen in de versnelde procedure (PPA). Het Hof heeft nog geen beslissing genomen over het verzoek om voeging en het verzoek om een versnelde procedure. Eiser stelt afkomstig te zijn uit Algerije, een homoseksuele geaardheid te hebben en daarom bescherming nodig te hebben – Verweerder acht de asielmotieven van eiser niet geloofwaardig - Eiser wordt thans in bewaring gehouden – verweerder heeft daarom verzocht om behandeling van de zaak – de rechtbank heeft partijen gewezen op haar uitspraken van 7 januari 2025 en heeft aangegeven de beantwoording van de prejudiciële vragen ook relevant te achten voor deze procedure en daarom in beginsel voornemens te zijn om de behandeling van de zaak aan te houden totdat het Hof de vragen heeft beantwoord – verweerder heeft op vragen van de rechtbank aangegeven in te stemmen met het verzoek aan het Hof om de prejudiciële vragen in de spoedprocedure (PPU) te behandelen – de rechtbank stelt derhalve in deze procedure dezelfde vragen aan het Hof als in de twee verwijzingsuitspraken van 7 januari 2025 en verzoekt het Hof deze procedure te voegen met de andere twee verwijzingen en de prejudiciële vragen in de spoedprocedure te behandelen. Vanaf 1 juli 2024 beoordeelt verweerder de geloofwaardigheid van een asielrelaas op een andere wijze – verweerder stelt eerst de asielmotieven vast, beoordeelt dan of deze asielmotieven volledig met authentieke en/of objectief verifieerbare documenten en/of objectieve openbare bronnen zijn onderbouwd en zo niet, of de asielzoeker aan alle in artikel 31, zesde lid, van de Vw 2000 (die identiek zijn aan 4, vijfde lid, van richtlijn 2011/95) genoemde voorwaarden voldoet – als dit niet zo is, dan wordt het asielrelaas ongeloofwaardig geacht. De rechtbank vraagt zich of deze werkwijze verenigbaar is met artikel 4 van richtlijn 2011/95, artikel 10, derde lid onder b, van richtlijn 2013/32 en artikelen 4 en 18 van het Handvest – door de beoordeling van het asielverzoek te beperken tot artikel 4, vijfde lid, van richtlijn 2011/95, lijkt geen invulling te worden gegeven aan lid 1 tot en met 4 van deze bepaling en worden onder meer de elementen die als ondersteuning van de verklaringen kunnen dienen, niet of onvoldoende betrokken bij de geloofwaardigheidsbeoordeling en lijkt geen sprake te zijn van een volledig en grondig onderzoek van de beschermingsbehoefte. De rechtbank legt als tweede prejudiciële vraag aan het Hof de vraag voor of de rechter, net als bij het controleren van de rechtmatigheid van een terugkeerbesluit, bij het beoordelen van de rechtmatigheid van de afwijzing van een asielverzoek, zo nodig ambtshalve de eerbiediging van het refoulementbeginsel moet controleren. De rechtbank schorst de behandeling van het beroep en houdt in afwachting van de beantwoording van de prejudiciële vragen door het Hof iedere verdere beslissing aan.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Den Haag 7 januari 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:136
- Rb. Den Haag 7 januari 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:139
- Rb. Den Haag 13 maart 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:3154
- EHRM 29 april 2022, ECLI:CE:ECHR:2022:0429JUD002849215
- EHRM 5 november 2019, ECLI:CE:ECHR:2019:1105JUD003221817
- EHRM 23 augustus 2016, ECLI:CE:ECHR:2016:0823JUD005916612
- EHRM 23 maart 2016, ECLI:CE:ECHR:2016:0323JUD004361111
- HvJ EU, ECLI:EU:C:1982:335
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2018:36
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2018:584
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2018:803
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2020:945
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2021:117PARAGRAAF
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2021:478
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2021:826
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2022:858
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2023:523
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2023:688
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2024:47
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2024:487