Conclusie A-G Frielink 8 juli 2025, ECLI:NL:PHR:2025:773
Conclusie AG. Artt. 361a, 6:6:1 lid 1 en 2, 6:6:21 lid 1, 6:6:22 lid 1, ahf en onder b, en 6:6:22a lid 1 Sv. Veroordeling voor een viertal vermogensdelicten. Klacht over (de motivering van) de toewijzing van een vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde ISD-maatregel. Ambtshalve opmerkingen over de mogelijkheid tot aanbrengen van een vordering tul van een voorwaardelijke maatregel ter gelegenheid van de behandeling van een reguliere strafzaak en over het instellen van rechtsmiddelen tegen de beslissing van de rechter op die vordering. Conclusie strekt tot verwerping van het cassatieberoep. Samenhang met 23/04335 en 23/04336.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 15 november 2022, ECLI:NL:HR:2022:1641
- HR 5 juli 2022, ECLI:NL:HR:2022:975
- HR 5 april 2022, ECLI:NL:HR:2022:496
- HR 6 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:389
- HR 11 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1290
- HR 7 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2956
- HR 26 januari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK5582
- HR 11 april 2006, ECLI:NL:HR:2006:AU9130