Conclusie A-G Hofstee 18 september 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1255

Feitelijke aanranding van de eerbaarheid, art. 246 Sr. Levert het door verdachte in de cellengang van een politiebureau achter het slachtoffer, een hem onbekende vrouw (in burger geklede hoofdagent van politie), langs lopen en onverhoeds in haar bil knijpen, waarna verdachte lacht en zegt: “It was a joke”, een ontuchtige handeling op? Grapverweer. Gelet op wat het Hof heeft vastgesteld omtrent de omstandigheden waaronder verdachte in de bil van aangeefster heeft geknepen, getuigt zijn oordeel dat sprake is van een "ontuchtige handeling" i.d.z.v. art. 246 Sr niet van een onjuiste rechtsopvatting. Dit oordeel is toereikend gemotiveerd. Daaraan doet niet af dat het bilknijpen mogelijk bedoeld was als grap en evenmin dat door de verdediging als motief is aangevoerd dat verdachte handelde "in een opwelling van vreugde" vanwege zijn vrijlating. Volgt verwerping.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken