HR 13 december 2005, ECLI:NL:HR:2005:AU4825

In het licht van ’s hofs vaststellingen dat (i) verdachte met zijn hand naar de borst van zijn dochter is gegaan en deze heeft betast en daarbij heeft gezegd “lekkere tietjes” en (ii) verdachte snel met zijn handen vanaf de rug van zijn dochter naar haar borsten toe ging en haar bij haar borsten heeft gepakt, moet de overweging “het hof laat in het midden of – zoals verdachte heeft verklaard – verdachte per ongeluk met diens hand de borst van [zijn dochter] heeft aangeraakt”, aldus worden verstaan dat het hof tot uitdrukking heeft gebracht dat, ook al zou de aanraking van haar borst aanvankelijk per ongeluk zijn geweest, deze gelet op de context en i.h.b. door het uiten van de begeleidende woorden in ieder geval tijdens die aanraking een ontuchtig karakter heeft gekregen waarop het opzet was gericht.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen