HR 15 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2578
Art. 246 Sr. Ontuchtige handelingen. Verdachte heeft een hem onbekend meisje dat hem leuk leek en met wie hij een “leuk praatje” wilde maken in een winkel onverhoeds een klap tegen haar bil gegeven en gezegd “hé schatje”. Het middel steunt op de opvatting dat het oordeel van het Hof dat verdachte het so. heeft gedwongen tot het dulden van ontuchtige handelingen, blijk geeft van een “te ruime, dus onjuiste, uitleg van de in art. 246 Sr voorkomende uitdrukking ‘ontuchtige handelingen’”. Die opvatting is onjuist.
De uitspraak op rechtspraak.nl