HR 18 januari 2022, ECLI:NL:HR:2022:16

Overleggen van stukken in hoger beroep, art. 414.1 Sv. Voorhanden hebben voorwerpen bestemd voor hennepteelt, art. 11a Opiumwet. Heeft hof gedeeltelijk in Kroatisch opgestelde stukken van overtuiging betrokken bij zijn beraadslaging? HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2021:1503 en HR:2010:BL7709 m.b.t. bevoegdheid verdachte bij behandeling van zaak in h.b. nieuwe bescheiden of stukken van overtuiging over te leggen en verplichting rechter deze overgelegde stukken bij zijn beraadslaging te betrekken. Verdediging heeft gesteld dat verdachte geen criminele intentie had tot illegale hennepteelt, aangezien voorwerpen waren bestemd voor zijn bedrijf in legale hennepteelt in Kroatië. Hof heeft tz. geschorst zodat verdediging hieromtrent stukken (vertaald in Nederlands) aan hof kan sturen. Verdediging heeft die stukken niet toegestuurd maar heeft bij volgende tz. aantal in Nederlands, Engels en Kroatisch opgestelde stukken overgelegd. Verdediging heeft inhoud van Kroatische stukken niet kunnen weergeven en heeft geen concrete passages uit die stukken benoemd, waaruit legaal karakter van werkzaamheden van Kroatische handelspartner van verdachte zou kunnen worden afgeleid. Hof heeft met zijn oordeel tot uitdrukking gebracht dat het kennis heeft genomen van de stukken en van wat verdediging daarvan heeft opgemerkt en op grond daarvan geoordeeld dat het niet noodzakelijk was die stukken te laten vertalen. Hof was niet gehouden nader in te gaan op inhoud van stukken. Volgt verwerping. CAG: anders.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken