HR 30 mei 2017, ECLI:NL:HR:2017:976
1. Verstekverlening zonder nader onderzoek. Verwijzing naar HvJ EU 24 mei 2016, ECLI:EU:C:2016:346 (Dworzecki). 2. Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in h.b. met toepassing van art. 416.2 Sv. Ad 1. Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft in zijn arrest ECLI:EU:C:2016:346 (Dworzecki) uitleg gegeven aan een tweetal autonome begrippen van het Unierecht zoals vervat in het kaderbesluit 2002/584/JBZ van de Raad van 13 juni 2002 betreffende het Europees aanhoudingsbevel en de procedures van overlevering tussen de lidstaten, zoals gewijzigd bij kaderbesluit 2009/299/JBZ van de Raad van 26 februari 2009. Het voornoemde kaderbesluit, dat ziet op het Europees aanhoudingsbevel en de procedures van overlevering tussen de lidstaten, heeft geen betrekking op de berechting van een strafzaak en derhalve ook niet op de betekening van dagvaardingen in strafzaken. De andersluidende opvatting in het middel is onjuist. Ad 2. Aan het middel ligt de opvatting ten grondslag dat art. 416.2 Sv niet van toepassing is in het geval dat verdachte geen schriftuur heeft ingediend en ter zitting in h.b. niet verschijnt. Die opvatting is, mede gelet op de wetsgeschiedenis, onjuist.
De uitspraak op rechtspraak.nl