HR 2 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:130
Beklag, beslag. Toetsingskader. Formaliteiten waaraan de inbeslagneming moet voldoen. HR herhaalt de toepasselijke overwegingen uit HR LJN BL2823, HR LJN BV3004 en HR LJN BU8735. De Rb heeft i.c. niet-onbegrijpelijk geoordeeld dat “het beslag niet onrechtmatig is”. Met de overweging dat zij “slechts marginaal de rechtmatigheid van het beslag toetst” heeft de Rb als haar oordeel tot uitdrukking gebracht dat het onderzoek in raadkamer een summier karakter heeft. Dat oordeel is juist. I.h.k.v. een beklagprocedure dient de vraag of t.t.v. de aanhouding en doorzoeking jegens de klager een redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit bestond, beoordeeld te worden met het oog op beantwoording van de vraag of een belang van strafvordering aanwezig is voor het voortduren van het beslag. Met de formaliteiten als hiervoor bedoeld heeft die vraag niet van doen. Het onderzoek in raadkamer strekt zich voorts niet uit tot de vraag of het resultaat van de inbeslagneming voor het bewijs mag worden gebezigd.
De uitspraak op rechtspraak.nl