Hof 's-Hertogenbosch 15 juni 2021, ECLI:NL:GHSHE:2021:1804
Leerplichtwet 1969. De verdachte is ter zake van telkens als persoon bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Leerplichtwet 1969, de in artikel 2, eerste lid, van die wet opgelegde verplichtingen niet nakomen veroordeeld. Het hof is van oordeel dat het toetsingskader uit het arrest van de Hoge Raad van 17 december 2019 (ECLI:NL:HR:2019:1925) niet in strijd is met artikel 6 en artikel 9 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (en artikel 2 van het Eerste Protocol bij het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens). Daarnaast is het hof van oordeel dat aan de verdachte geen geslaagd beroep op de zogenaamde vrijstelling op grond van artikel 5, aanhef en onder, van de Leerplichtwet 1969 toekomt, nu de door de verdachte naar voren gebrachte bedenkingen onvoldoende concreet en onvoldoende zwaarwegend zijn.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 14a Sr
- Artikel 14b Sr
- Artikel 14c Sr
- Artikel 23 Sr
- Artikel 24 Sr
- Artikel 24a Sr
- Artikel 24c Sr
- Artikel 62 Sr
- Artikel 2 LPW
- Artikel 5 LPW
- Artikel 5a LPW
- Artikel 15 LPW
- Artikel 26 LPW
- Artikel 28 LPW
- Artikel 6 EVRM
- Artikel 9 EVRM
- Artikel 2 Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden