Hof 's-Hertogenbosch 12 oktober 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:4323

Een naar Duits recht opgericht en in Duitsland gevestigde publiekrechtelijke rechtspersoon, belegt door middel van belanghebbende, een beleggingsfonds naar Duits recht, in aandelen in Nederlandse vennootschappen. Belanghebbende verzoekt de Inspecteur - met een beroep op het VWEU (vrije kapitaalverkeer) - om teruggave van te haren laste ingehouden Nederlandse dividendbelasting. Nadat het Hof enkele formele grieven van de Inspecteur verwerpt, oordeelt het Hof: • dat belanghebbende naar Nederlandse maatstaven als transparant moet worden beschouwd zodat zij geen zelfstandig recht op teruggaaf van dividendbelasting heeft; • dat de teruggaafverzoeken mede geacht worden te zijn gedaan namens de publiekrechtelijke rechtspersoon; • dat die rechtspersoon zich met succes beroept op de Nederlandse belastingregeling voor het overheidsbedrijf; • dat onduidelijk is of de stelling van de Inspecteur, inhoudende dat honorering van het verzoek van die rechtspersoon leidt tot de verlening van onrechtmatige staatssteun (artikel 108, derde lid, VWEU), slaagt. Als gevolg van genoemde onduidelijkheid besluit het Hof om prejudiciële vragen te stellen aan het Hof van Justitie in Luxemburg.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken