Hof Den Haag 2 mei 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:1270
In hoger beroep is - naar het Hof begrijpt - in geschil of: a. de aanslag IB/PVV 2004 tijdig is opgelegd; b. de hoorplicht, het inzagerecht en het verdedigingsbeginsel zijn geschonden; c. de uitspraak op bezwaar moet worden vernietigd omdat deze niet binnen de termijn is gedaan; d. de Inspecteur wegens het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar een dwangsom als bedoeld in artikel 4:17, lid 1, Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb), heeft verbeurd; e. het leerstuk van de omkering en verzwaring van de bewijslast van toepassing is; f. de verliesvaststellingsbeschikking op het juiste bedrag is vastgesteld; g. (het saldo van) de te verrekenen verliezen op te lage bedragen zijn vastgesteld; h. de Inspecteur terecht een voordeel uit sparen en beleggen in aanmerking heeft genomen en, zo ja, of dit voordeel op de juiste hoogte is vastgesteld; i. het bedrag van de nog te verrekenen pga op een te laag bedrag is vastgesteld; j. de verliesvaststellingsbeschikking en de beschikking niet in aanmerking genomen pga voortijdig zijn genomen; k. de navorderingsaanslag Zfw 2004 terecht is opgelegd; l. de Inspecteur in het geding in eerste aanleg niet heeft voldaan aan de in artikel 8:42 van de Awb neerlegde verplichting tot inzending van de op de zaak betrekking hebbende stukken; m. belanghebbende zich met vrucht kan beroepen op gewekt vertrouwen; n. sprake is van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand; en of o. belanghebbende recht heeft op immateriële schadevergoeding.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 11 AWR
- Artikel 24a AWR
- Artikel 25 AWR
- Artikel 27e AWR
- Artikel 47 AWR
- Artikel 52 AWR
- Artikel 4:17 Awb
- Artikel 6:2 Awb
- Artikel 6:12 Awb
- Artikel 8:41 Awb
- Artikel 8:42 Awb
- Artikel 8:75 Awb
- Artikel 2.17 Wet IB 2001
- Artikel 3.1 Wet IB 2001
- Artikel 3.4 Wet IB 2001
- Artikel 3.151 Wet IB 2001
- Artikel 3.152 Wet IB 2001
- Artikel 6.1 Wet IB 2001
- Artikel 6.2 Wet IB 2001
- Artikel 6.2a Wet IB 2001
Aangehaalde uitspraken
- HR 25 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2678
- HR 10 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1124
- HR 14 september 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW9240
- HR 15 juni 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW8344
- HR 13 mei 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ4267
- Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen 18 december 2008, ECLI:NL:XX:2008:BG9363
- HR 21 april 1982, ECLI:NL:HR:1982:AW9429