Hof Amsterdam 3 september 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:3379
Tussenbeslissing. Klacht KBvG tegen een gerechtsdeurwaarder. De kamer heeft in de bestreden beslissing de klachten van de KBvG ongegrond verklaard. Ontvankelijkheid klacht. Bevoegdheid KBvG. Reikwijdte van de in artikel 57 lid 1 Gerechtsdeurwaarderswet (Gdw) aan de KBvG toegekende taak sinds de wijziging van de Gdw per 1 juli 2016. Deze wettelijke taak moet naar het oordeel van het hof niet te eng worden opgevat. De KBvG heeft haar bevoegdheden in dat kader niet overschreden. Bevraging door de KBvG voorafgaand aan indiening tuchtklacht is geen ‘criminal charge’ als bedoeld in artikel 6 EVRM. Het hof verwerpt verweer gerechtsdeurwaarder dat de KBvG hem voorafgaand aan de bevraging ten onrechte niet de ‘cautie’ heeft gegeven. Informatie die de KBvG naar aanleiding van haar bevraging heeft verkregen, mag bij beoordeling klacht worden betrokken. Het hof houdt iedere verdere beslissing aan in afwachting van rapport Bureau Financieel Toezicht (BFT). Zie ECLI:NL:GHAMS:2020:3540.
De uitspraak op rechtspraak.nl