Hof Amsterdam 24 februari 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:583
Ambtshalve bedenkingen. Sterke aanwijzingen dat de oud-notaris in de periode 2006-2008: i. zijn informatie- en Belehrungspflicht niet (voldoende) is nagekomen; ii. herhaaldelijk akten heeft gepasseerd buiten aanwezigheid van de gevolmachtigde medewerkers; iii. herhaaldelijk akten heeft gepasseerd waarin een onjuist tijdstip van verlijden staat vermeld; iv. herhaaldelijk onvoldoende zorg heeft besteed aan de controle van de identiteit van de volmachtgever en de inhoud van de volmacht; en v. het gebrek aan authenticiteit van akten die tussen 29 mei 2007 en 1 juni 2007 zijn gepasseerd niet, althans niet met bekwame spoed heeft hersteld. Verder wordt de bedenking voorgelegd dat: vi. de oud-notaris door zijn handelwijze tijdens het onderzoek van het BFT en zijn beslissing om zijn medewerking aan dit onderzoek te staken, het onderzoek van het BFT (ernstig) heeft bemoeilijkt en het doen van verder onderzoek door het BFT onmogelijk heeft gemaakt. De kamer heeft de bedenkingen i, iv, v en vi ongegrond en de bedenkingen ii en iii gegrond verklaard en aan de oud-notaris de maatregel opgelegd van schorsing in de uitoefening van het ambt voor de duur van vier weken. Het hof acht bedenking v deels gegrond en verenigt zich voor het overige met het oordeel van de kamer. Het hof acht de door de kamer opgelegde maatregel passend.
De uitspraak op rechtspraak.nl