CRvB 10 december 2024, ECLI:NL:CRVB:2024:2192
De Raad zal in navolging van zijn uitspraak na de conclusie van AG De Bock (18 april 2024, CRVB:2024:726) en rekening houdend met de bijzonderheden voor de PW, een ruimere invulling geven aan het begrip ‘dringende redenen’ als bedoeld in artikel 58, achtste lid, van de PW om geheel of gedeeltelijk van terugvordering te kunnen afzien. Bij een beslissing over deze bevoegdheid moet de bijstandverlenende instantie niet alleen rekening houden met onaanvaardbare sociale en financiële gevolgen van de terugvordering, maar ook andere belangen en relevante feiten en omstandigheden in zijn afweging moet betrekken. Die beslissing zal een toetsing aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur moeten kunnen doorstaan. Herziening en terugvordering van bijstand. Middelen. Stortingen en bijschrijvingen. Schending inlichtingenverplichting. Evenredigheidsbeginsel. Dringende reden. In het geval van appellante was er voor het college geen aanleiding om op grond van dringende redenen geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien. Appellante heeft namelijk haar stelling dat sprake is van onredelijke financiële gevolgen niet nader onderbouwd.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 475b Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 475e Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 120 Gw
- Artikel 3:4 Awb
- Artikel 4:125 Awb
- Artikel 30c SUWI
- Artikel 43 Zorgverzekeringswet
- Artikel 1 Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden
Aangehaalde uitspraken
- CRvB 18 april 2024, ECLI:NL:CRVB:2024:726
- CBb 26 maart 2024, ECLI:NL:CBB:2024:190
- CRvB 10 november 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:2086
- ABRvS 1 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:772
- CRvB 13 december 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:2794
- ABRvS 2 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:285
- CRvB 8 april 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:881
- CRvB 9 januari 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:38
- CRvB 20 maart 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:1060
- CRvB 13 februari 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:530
- CRvB 19 juli 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2622
- CRvB 22 december 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:4737
- CRvB 7 mei 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:1450
- CRvB 22 januari 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:BY9138
- EHRM 14 februari 2012, ECLI:CE:ECHR:2012:0214JUD003657106