CRvB 10 november 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:2086
Conclusie van raadsheer advocaat-generaal De Bock over buitenwettelijk beleid. De Beleidsregels schorsing, intrekking en herziening uitkeringen 2006 van het Uwv zijn volgens raadsheer advocaat-generaal De Bock geen buitenwettelijke, maar binnenwettelijke beleidsregels. De Beleidsregels 2006 geven namelijk invulling aan de (impliciete) beleidsruimte die de wet biedt bij het achteraf herzien van een uitkeringsrecht. Dat buitenwettelijke beleidsregels door de bestuursrechter tot nu toe altijd zeer terughoudend worden getoetst is volgens de raadsheer advocaat-generaal verder niet juist. Binnenwettelijke en buitenwettelijke beleidsregels moeten volgens hetzelfde toetsingskader worden getoetst. Wel heeft een bestuursorgaan bij het opstellen van buitenwettelijke beleidsregels in het algemeen meer beleidsruimte dan bij binnenwettelijke beleidsregels. Dat kan ertoe leiden dat de bestuursrechter buitenwettelijke beleidsregels minder indringend toetst, maar dit hoeft niet altijd zo te zijn. Verder geldt voor zowel buitenwettelijke als binnenwettelijke beleidsregels dat van het beleid moet worden afgeweken bij bijzondere omstandigheden. Zowel binnen- als buitenwettelijke beleidsregels moeten volgens raadsheer advocaat-generaal De Bock verder worden getoetst aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. De toetsing aan het evenredigheidsbeginsel moet worden uitgevoerd aan de hand van de criteria noodzakelijkheid, geschiktheid en evenwichtigheid. Bij de toepassing van de wettelijke bepaling dat bij een dringende reden kan worden afgezien van herziening of terugvordering van een uitkering, moet volgens de raadsheer advocaat-generaal eveneens getoetst worden aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. De raadsheer advocaat-generaal adviseert de bestuursrechter om een ruimere invulling te geven aan de dringende reden dan tot nu toe is gedaan. De dringende reden moet op zo’n manier worden ingevuld, dat zij als wettelijke hardheidsclausule een wezenlijke rol kan spelen in het stelsel van herziening en terugvordering van uitkeringen.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 475b Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 475c Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 475e Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 475fa Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 79 RO
- Artikel 11 AB
- Artikel 20 Gw
- Artikel 120 Gw
- Artikel 24a Sr
- Artikel 31 ZW
- Artikel 49 ZW
- Artikel 13b Opw
- Artikel 25 WAO
- Artikel 28 WAO
- Artikel 57 WAO
- Artikel 80 WAO
- Artikel 1:66 BW1
- Artikel 6:248 BW6
- Artikel 3:309 BW3
- Artikel 1:3 Awb
Aangehaalde uitspraken
- CRvB 17 augustus 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:1613
- CRvB 27 juli 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:1448
- CBb 11 juli 2023, ECLI:NL:CBB:2023:349
- CBb 27 juni 2023, ECLI:NL:CBB:2023:326
- CRvB 23 mei 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:1032
- Rb. Rotterdam 26 april 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:3475
- Rb. Overijssel 25 april 2023, ECLI:NL:RBOVE:2023:1459
- Rb. Midden-Nederland 24 april 2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:1899
- CRvB 20 april 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:821
- CBb 11 april 2023, ECLI:NL:CBB:2023:191
- CRvB 28 maart 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:611
- CRvB 27 maart 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:557
- CRvB 21 maart 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:571
- CRvB 16 maart 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:488
- CRvB 15 maart 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:478
- ABRvS 1 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:772
- ABRvS 1 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:813
- ABRvS 1 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:828
- ABRvS 22 februari 2023, ECLI:NL:RVS:2023:718
- ABRvS 22 februari 2023, ECLI:NL:RVS:2023:719