CBb 1 juni 2021, ECLI:NL:CBB:2021:571
De door appellante naar voren gebrachte omstandigheden, te weten dat zij op 23 juni 2015 19 melkkoeien heeft afgevoerd naar de slacht en dat zij bezig was met de uitbreiding van haar veestapel, zijn geen omstandigheden waarin de knelgevallenregeling voorziet en kunnen reeds daarom niet leiden tot een geslaagd beroep op de knelgevallenregeling. Evenmin kan de dierziekte clostridium perfringens leiden tot een geslaagd beroep op de knelgevallenregeling. Nog los van de vraag of appellante deze bijzondere omstandigheid had moeten melden vóór 1 april 2018 (en daartoe de mogelijkheid had, gelet op de diagnose van deze ziekte op 10 februari 2020), heeft appellante niet aannemelijk gemaakt dat deze dierziekte van invloed is geweest op de dieren of melkproductie op de relevante periode in 2015. Verder is het College met verweerder van oordeel dat de definitie in artikel 1, eerste lid, aanhef en onder m, van de Msw van het begrip “tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond”, buiten Nederland gelegen oppervlakte landbouwgrond uitsluit. Ook is er gen sprake van een individuele en buitensporige last. Voor zover appellante wel op 2 juli 2015 over alle benodigde vergunningen beschikte om de door haar beoogde dieraantallen te houden, geldt het volgende. Appellante heeft vanaf 2012 beoogd haar veestapel te laten groeien naar 130 melk- en kalfkoeien, 25 zoogkoeien en 149 stuks jongvee. Gezien het tijdstip waarom zij deze groei heeft ingezet en is blijven vasthouden aan haar uitbreidingsplannen acht het College die beslissingen, mede bezien in het licht van de afschaffing van het melkquotum en de maatregelen die in verband met die afschaffing te verwachten waren waarover het College in de uitspraak van 23 juli 2019 (onder 6.7.5.4) heeft geoordeeld, niet navolgbaar.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- CBb 25 februari 2020, ECLI:NL:CBB:2020:114
- CBb 17 december 2019, ECLI:NL:CBB:2019:677
- CBb 26 november 2019, ECLI:NL:CBB:2019:624
- CBb 15 oktober 2019, ECLI:NL:CBB:2019:489
- CBb 13 augustus 2019, ECLI:NL:CBB:2019:354
- CBb 23 juli 2019, ECLI:NL:CBB:2019:291
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:1
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:2
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:3
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:4
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:5
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:6
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:7
- CBb 17 oktober 2018, ECLI:NL:CBB:2018:522