CBb 1 december 2015, ECLI:NL:CBB:2015:370

- tariefbeschikking huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg - vrije artsenkeuze - artikel 11 en 13 Zvw - berekening arbeidskostencomponent in tariefbeschikking - werkweek van gemiddeld 48 uur is niet excessief - methode om arbeidskosten te berekenen niet onredelijk - consulttarief is geen tarief voor een meer gespecialiseerde prestatie - werking contractvereiste - Voor de beoordeling van het effect van het contractvereiste is het van belang onder ogen te zien, dat de verzekerde in beginsel geacht wordt alle zorg zoals huisartsen die plegen te bieden, af te nemen van één door hem gekozen huisarts, bij wie hij vaak duurzaam staat ingeschreven. Dat heeft in beginsel tot gevolg dat die huisarts alle prestaties waar de betrokken verzekerde behoefte aan heeft, zal dienen te verrichten. Indien de huisarts voor sommige van die prestaties geen vergoeding kan krijgen, omdat hij geen contract met de verzekeraar gesloten heeft, kan hij de verzekerde immers niet enkel daarvoor naar een andere huisarts verwijzen, maar zal hij ze om niet moeten verstrekken of de relatie met deze verzekerde geheel moeten beëindigen. Dit heeft tot gevolg dat de prestaties die alleen in rekening mogen worden gebracht als de huisarts is gecontracteerd, niet geleverd kunnen worden aan de verzekerde patiënt indien de huisarts niet is gecontracteerd. - huisartsen mogen zich op artikel 13 Zvw beroepen De NZa mag met tariefbeschikking geen hinderpaal opwerpen voor de vrije huisartsenkeuze.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken