HvJ EU 29 april 2004, C-418/01, ECLI:EU:C:2004:257

De uitspraak op EUR-Lex

Tekst

Zaak C‑418/01

IMS Health GmbH & Co. OHG

tegen

NDC Health GmbH & Co. KG

(verzoek van het Landgericht Frankfurt am Main om een prejudiciële beslissing)

„Mededinging – Artikel 82 EG – Misbruik van machtspositie – Bouwsteenstructuur die wordt gebruikt voor verstrekking van regionale verkoopgegevens inzake geneesmiddelen in lidstaat – Auteursrecht – Weigering om gebruikslicentie toe te kennen”

Samenvatting van het arrest

1. Mededinging – Gemeenschapsregels – Toepassing door nationale rechterlijke instanties – Beoordeling van overeenkomst of praktijk die door Commissie is onderzocht of waarover deze reeds beschikking heeft gegeven – Voorwaarden

(Art. 81 EG et 82 EG)

2. Mededinging – Machtspositie – Misbruik – Weigering van onderneming met machtspositie om andere onderneming toegang te verlenen tot voor haar activiteit onontbeerlijk product of dienst – Beoordeling of betrokken product of dienst onontbeerlijk is – Criteria – Gebruikslicentie voor bouwsteenstructuur voor verstrekking van regionale verkoopgegevens inzake geneesmiddelen

(Art. 82 EG)

3. Mededinging – Machtspositie – Auteursrechten – Rechten op bouwsteenstructuur voor verstrekking van regionale verkoopgegevens inzake geneesmiddelen – Weigering om andere onderneming gebruikslicentie te verlenen – Misbruik – Voorwaarden

(Art. 82 EG)

1. Wanneer de nationale rechter zich uitspreekt over overeenkomsten of gedragingen waarover nog een beschikking van de Commissie kan worden gegeven, moet hij vermijden uitspraken te doen die in tegenspraak zijn met beschikkingen die de Commissie ter uitvoering van de artikelen 81 EG en 82 EG heeft gegeven of voornemens is te geven.

(cf. punt 19)

2. Om in antwoord op de vraag of er sprake is van misbruik van een machtspositie, te bepalen of een product of een dienst onontbeerlijk is om een onderneming in staat te stellen haar activiteit op een bepaalde markt uit te oefenen, moet worden nagegaan of producten of diensten voorhanden zijn die alternatieve oplossingen bieden, zelfs als zij minder gunstig zijn, en of er technische, reglementaire of economische hindernissen zijn die het elke onderneming die op die markt actief wil zijn, onmogelijk of althans onredelijk moeilijk maken om, eventueel in samenwerking met andere ondernemingen, alternatieve producten of diensten aan te bieden. Om het bestaan van economische hindernissen te kunnen aannemen, moet op zijn minst worden vastgesteld dat het voor een productie van vergelijkbare omvang als die van de onderneming die het bestaande product of de bestaande dienst controleert, niet economisch rendabel is om deze producten of diensten te ontwikkelen.

Bijgevolg moet bij het onderzoek of de weigering van een onderneming met een machtspositie om een gebruikslicentie te verlenen voor een bouwsteenstructuur die is beschermd krachtens een intellectueel eigendomsrecht waarvan zij houder is, misbruik oplevert, rekening worden gehouden met zowel de mate waarin de gebruikers hebben deelgenomen aan de ontwikkeling van die structuur als met de inspanning die de potentiële afnemers zullen moeten leveren om op een alternatieve structuur berustende marktonderzoeken over regionale verkoopgegevens inzake geneesmiddelen te kunnen aankopen en in het bijzonder de daarmee verbonden kosten, om te bepalen of de beschermde structuur onontbeerlijk is voor de verkoop van dergelijke onderzoeken.

(cf. punten 28, 30, dictum 1)

3. De weigering van een onderneming met een machtspositie die houder is van een intellectueel eigendomsrecht op een bouwsteenstructuur die onontbeerlijk is voor de aanbieding van regionale verkoopgegevens inzake geneesmiddelen in een lidstaat, om een licentie voor het gebruik van deze structuur te verlenen aan een andere onderneming die dergelijke gegevens eveneens wenst te verstrekken in dezelfde lidstaat, levert misbruik van machtspositie in de zin van artikel 82 EG op wanneer is voldaan aan de volgende voorwaarden:

– de onderneming die om de licentie heeft verzocht, is voornemens op de markt van levering van de betrokken gegevens nieuwe producten of diensten aan te bieden die de houder van het intellectuele-eigendomsrecht niet aanbiedt, en waarvoor een potentiële vraag van de consumenten bestaat;

– de weigering is niet gerechtvaardigd op objectieve gronden;

– door de weigering wordt de markt van de levering van verkoopgegevens inzake geneesmiddelen in de betrokken lidstaat voorbehouden aan de houder van het intellectuele-eigendomsrecht en wordt elke mededinging op die markt uitgesloten.

(cf. punt 52, dictum 2)

ARREST VAN HET HOF (Vijfde kamer) 29 april 2004(1)

„Mededinging – Artikel 82 EG – Misbruik van machtspositie – Bouwsteenstructuur die wordt gebruikt voor verstrekking van regionale verkoopgegevens inzake geneesmiddelen in lidstaat – Auteursrecht – Weigering gebruikslicentie toe te kennen”

en

HET HOF VAN JUSTITIE (Vijfde kamer),,

gelet op de schriftelijke opmerkingen ingediend door:

gehoord de mondelinge opmerkingen van IMS Health GmbH & Co. OHG, vertegenwoordigd door S. Barthelmess, H.-C. Salger, C. Feddersen en G. Jung-Weiser, Rechtsanwälte, en J. Temple-Lang; NDC Health GmbH & Co. KG, vertegenwoordigd door G. Janke en T. Lübbig, en de Commissie, vertegenwoordigd door A. Whelan en S. Rating, ter terechtzitting van 6 maart 2003,

gehoord de conclusie van de advocaat-generaal ter terechtzitting van 2 oktober 2003,

het navolgende

HET HOF VAN JUSTITIE (Vijfde kamer),

Jann Timmermans von Bahr

De griffier De president

R. Grass V. Skouris

1 – Procestaal: Duits.

Aangehaald in