Art. 8.8.9 Wetboek van Strafvordering
1. Het toezicht op de naleving van de aan de schorsing van de voorlopige hechtenis verbonden voorwaarden wordt opgeschort zodra de kennisgeving betreffende de erkenning van de Europese toezichtbeslissing is ontvangen.
2. Tot het houden van toezicht in Nederland kan worden overgegaan:
a. zodra het openbaar ministerie de Europese toezichtbeslissing heeft ingetrokken overeenkomstig artikel 8.8.8;
b. zodra van de uitvoerende autoriteit een kennisgeving is ontvangen dat zij het toezicht heeft beëindigd;
c. indien de uitvoerende lidstaat Nederland in kennis heeft gesteld van de naar het recht van die lidstaat geldende maximumtermijn voor het toezicht en die termijn is verstreken;
d. indien de verdachte niet langer zijn vaste woon- of verblijfplaats in de uitvoerende lidstaat heeft.
3. In de in het tweede lid bedoelde gevallen treedt het openbaar ministerie in overleg met de uitvoerende autoriteit om te voorkomen dat het toezicht op de naleving van de voorwaarden wordt onderbroken.