Art. 31 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd, Gemeenschappelijke bepalingen voor de grondgebieden van de Partijen bij het conflict en voor bezette gebieden
Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
Geen lichamelijke of morele dwang mag ten aanzien van beschermde personen worden uitgeoefend, in het bijzonder met het doel om inlichtingen van hen of van derden te verkrijgen.
Vorige artikelen
- Artikel 26 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 27 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 28 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 29 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 30 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
Volgende artikelen
- Artikel 32 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 33 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 34 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 35 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 36 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd