Art. 13 Protocol inzake het verbod of de beperking van het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen, zoals gewijzigd op 3 mei 1996 (Protocol II zoals gewijzigd op 3 mei 1996), gehecht aan het Verdrag inzake het verbod of de beperking van het gebruik van bepaalde conventionele wapens die geacht kunnen worden buitensporig leed te veroorzaken of een niet-onderscheidende werking te hebben, Overleg van de Hoge Verdragsluitende Partijen
Protocol inzake het verbod of de beperking van het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen, zoals gewijzigd op 3 mei 1996 (Protocol II zoals gewijzigd op 3 mei 1996), gehecht aan het Verdrag inzake het verbod of de beperking van het gebruik van bepaalde conventionele wapens die geacht kunnen worden buitensporig leed te veroorzaken of een niet-onderscheidende werking te hebben
1. De Hoge Verdragsluitende Partijen verplichten zich ertoe onderling overleg te plegen en samen te werken inzake alle kwesties betreffende de werking van dit Protocol. Hiertoe wordt jaarlijks een conferentie van de Hoge Verdragsluitende Partijen gehouden.
2. Deelneming aan de jaarlijkse conferenties geschiedt op basis van het door hen aangenomen reglement van orde.
3. De werkzaamheden van de conferentie houden onder andere in:
a. onderzoek naar het functioneren en de status van dit Protocol;
b. onderzoek van de aangelegenheden die zijn vermeld in de door de Hoge Verdragsluitende Partijen overeenkomstig het vierde lid van dit artikel uitgebrachte rapporten;
c. voorbereiding van toetsingsconferenties; en
d. onderzoek naar de ontwikkeling van technologieën om burgers te beschermen tegen de niet-onderscheidende werking van mijnen.
4. De Hoge Verdragsluitende Partijen leggen jaarlijkse rapporten voor aan de Depositaris, die deze vóór de conferentie doorzendt naar alle Hoge Verdragsluitende Partijen; deze rapporten hebben betrekking op de volgende zaken:
a. verspreiding van informatie inzake dit Protocol aan hun strijdkrachten en aan de burgerbevolking;
b. mijnruiming en rehabilitatieprogramma’s;
c. maatregelen die zijn genomen om aan de technische eisen van dit Protocol te voldoen en alle andere relevante informatie hieromtrent;
d. wetgeving met betrekking tot dit Protocol;
e. maatregelen die zijn genomen inzake de internationale uitwisseling van technische informatie, inzake internationale samenwerking op mijnruimgebied en inzake technische samenwerking en bijstand; en
f. andere relevante aangelegenheden.
5. De kosten van de conferentie van de Hoge Verdragsluitende Partijen worden gedragen door de Hoge Verdragsluitende Partijen en door de Staten die geen partij zijn en die deelnemen aan de werkzaamheden van de conferentie, volgens de aan de omstandigheden aangepaste verdeelsleutel van de Verenigde Naties.
Vorige artikelen
- Artikel 8 Protocol inzake het verbod of de beperking van het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen, zoals gewijzigd op 3 mei 1996 (Protocol II zoals gewijzigd op 3 mei 1996), gehecht aan het Verdrag inzake het verbod of de beperking van het gebruik van bepaalde conventionele wapens die geacht kunnen worden buitensporig leed te veroorzaken of een niet-onderscheidende werking te hebben
- Artikel 9 Protocol inzake het verbod of de beperking van het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen, zoals gewijzigd op 3 mei 1996 (Protocol II zoals gewijzigd op 3 mei 1996), gehecht aan het Verdrag inzake het verbod of de beperking van het gebruik van bepaalde conventionele wapens die geacht kunnen worden buitensporig leed te veroorzaken of een niet-onderscheidende werking te hebben
- Artikel 10 Protocol inzake het verbod of de beperking van het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen, zoals gewijzigd op 3 mei 1996 (Protocol II zoals gewijzigd op 3 mei 1996), gehecht aan het Verdrag inzake het verbod of de beperking van het gebruik van bepaalde conventionele wapens die geacht kunnen worden buitensporig leed te veroorzaken of een niet-onderscheidende werking te hebben
- Artikel 11 Protocol inzake het verbod of de beperking van het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen, zoals gewijzigd op 3 mei 1996 (Protocol II zoals gewijzigd op 3 mei 1996), gehecht aan het Verdrag inzake het verbod of de beperking van het gebruik van bepaalde conventionele wapens die geacht kunnen worden buitensporig leed te veroorzaken of een niet-onderscheidende werking te hebben
- Artikel 12 Protocol inzake het verbod of de beperking van het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen, zoals gewijzigd op 3 mei 1996 (Protocol II zoals gewijzigd op 3 mei 1996), gehecht aan het Verdrag inzake het verbod of de beperking van het gebruik van bepaalde conventionele wapens die geacht kunnen worden buitensporig leed te veroorzaken of een niet-onderscheidende werking te hebben
Volgende artikelen
- Artikel 14 Protocol inzake het verbod of de beperking van het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen, zoals gewijzigd op 3 mei 1996 (Protocol II zoals gewijzigd op 3 mei 1996), gehecht aan het Verdrag inzake het verbod of de beperking van het gebruik van bepaalde conventionele wapens die geacht kunnen worden buitensporig leed te veroorzaken of een niet-onderscheidende werking te hebben
- Artikel 2 Protocol inzake het verbod of de beperking van het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen, zoals gewijzigd op 3 mei 1996 (Protocol II zoals gewijzigd op 3 mei 1996), gehecht aan het Verdrag inzake het verbod of de beperking van het gebruik van bepaalde conventionele wapens die geacht kunnen worden buitensporig leed te veroorzaken of een niet-onderscheidende werking te hebben