Art. 53 PCT, Het verzoek

Verdrag tot samenwerking inzake octrooien (PCT)

53.1. Vorm

a. Het verzoek dient te worden gesteld op een gedrukt formulier of te worden ingediend in de vorm van een computeruitdraai. De nadere bijzonderheden van het gedrukte formulier en het in de vorm van een computeruitdraai ingediende verzoek worden voorgeschreven in de Administratieve Instructies.

b. Exemplaren van gedrukte formulieren voor het verzoek worden kosteloos verstrekt door het ontvangende bureau of de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling.

53.2. Inhoud

a) Het verzoek dient te bevatten:

(i) een verzoek,

(ii) gegevens betreffende de aanvrager en de gemachtigde, indien er een gemachtigde is,

(iii) gegevens over de internationale aanvrage waarop zij betrekking heeft,

(iv) een verklaring inzake wijzigingen, indien van toepassing.

b) Het verzoek dient te zijn ondertekend.

53.3. Het verzoek Het verzoek dient de volgende strekking te hebben en bij voorkeur als volgt te luiden: „Verzoek ingevolge artikel 31 van het Verdrag tot samenwerking inzake octrooien: De ondergetekende verzoekt dat de hieronder nader aangegeven internationale aanvrage zal worden onderworpen aan een internationale voorlopige beoordeling overeenkomstig het Verdrag tot samenwerking inzake octrooien”.

53.4. De aanvrager Ten aanzien van de gegevens betreffende de aanvrager zijn de Regels 4.4 en 4.16 van toepassing en is Regel 4.5 van overeenkomstige toepassing.

53.5. De gemachtigde of gemeenschappelijke vertegenwoordiger Indien er een gemachtigde of een gemeenschappelijke vertegenwoordiger is benoemd, dient het verzoek zulks te vermelden. Regels 4.4 en 4.16 zijn van toepassing en Regel 4.7 is van overeenkomstige toepassing.

53.6. Gegevens over de internationale aanvrage De internationale aanvrage dient te worden aangegeven door de naam en het adres van de aanvrager, de titel van de uitvinding, de datum van de internationale indiening (indien deze de aanvrager bekend is) en het nummer van de internationale aanvrage of, wanneer dit nummer de aanvrager niet bekend is, de naam van het ontvangende bureau waarbij de internationale aanvrage werd ingediend.

53.7. Keuze van Staten Het indienen van een verzoek geldt als de keuze van alle Verdragsluitende Staten die zijn aangewezen en gebonden zijn door Hoofdstuk II van het Verdrag.

53.8. Ondertekening Het verzoek wordt ondertekend door de aanvrager of, indien er meer dan een aanvrager is, door alle aanvragers die het verzoek doen.

53.9. Verklaring betreffende wijzigingen

a. Indien wijzigingen ingevolge artikel 19 zijn aangebracht, dient de verklaring betreffende wijzigingen aan te geven of de aanvrager, ten behoeve van de internationale voorlopige beoordeling, wenst dat deze wijzigingen:

i. in aanmerking worden genomen, in welk geval een afschrift van de wijzigingen en van de brief zoals vereist ingevolge Regel 46.5(b) bij voorkeur tezamen met het verzoek dient te worden ingediend; of

ii. worden geacht te zijn achterhaald door een wijziging ingevolge artikel 34.

b. Indien geen wijzigingen ingevolge artikel 19 zijn aangebracht en de termijn voor de indiening van zodanige wijzigingen niet is verstreken, kan in de verklaring worden aangeven dat, indien de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling de internationale voorlopige beoordeling tegelijkertijd met het internationale nieuwheidsonderzoek overeenkomstig Regel 69.1 b wenst aan te vangen, de aanvrager de aanvang van de internationale voorlopige beoordeling wenst uit te stellen overeenkomstig Regel 69.1 d.

c. Indien er wijzigingen ingevolge artikel 34 worden ingediend met het verzoek, dient dit in de verklaring te worden vermeld.

Artikelen die hiernaar verwijzen

Vorige artikelen

Volgende artikelen