Art. 14 Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte, Geneeskundige verzorging
Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte
Wanneer een krachtens artikel 2 afgelegde verklaring van kracht is, moet de in artikel 8 bedoelde geneeskundige verzorging ten minste omvatten:
(a) de hulp van huisartsen, zo mogelijk met inbegrip van huisbezoeken;
(b) de hulp van specialisten, verleend in ziekenhuizen aan patiënten die opgenomen zijn en aan patiënten die niet opgenomen zijn en zo mogelijk specialistische hulp, die buiten ziekenhuizen kan worden verleend;
(c) de verstrekking van noodzakelijke geneesmiddelen op voorschrift van een geneeskundige of een andere daartoe bevoegde persoon; en
(d) opneming in een ziekenhuis, wanneer zulks nodig is.
Vorige artikelen
- Artikel 9 Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte
- Artikel 10 Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte
- Artikel 11 Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte
- Artikel 12 Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte
- Artikel 13 Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte
Volgende artikelen
- Artikel 15 Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte
- Artikel 16 Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte
- Artikel 17 Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte
- Artikel 18 Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte
- Artikel 19 Verdrag betreffende geneeskundige verzorging en uitkeringen bij ziekte