Art. 24 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel, Verzwarende omstandigheden
Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
Elke Partij waarborgt dat de volgende omstandigheden worden beschouwd als verzwarende omstandigheden bij de strafbepaling voor overeenkomstig artikel 18 van dit Verdrag strafbaar gestelde feiten:
a. het strafbare feit heeft door opzet of grove nalatigheid het leven van het slachtoffer in gevaar gebracht;
b. het strafbare feit werd tegen een kind gepleegd;
c. het strafbare feit werd door een overheidsfunctionaris gepleegd tijdens de uitoefening van zijn/haar taken;
d. het strafbare feit werd gepleegd in het kader van een criminele organisatie.
Verwijst naar
Vorige artikelen
- Artikel 19 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 20 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 21 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 22 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 23 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
Volgende artikelen
- Artikel 25 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 26 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 27 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 28 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 29 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel