Art. 19 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel, Strafbaarstelling van het gebruikmaken van de diensten van een slachtoffer
Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
Elke Partij overweegt de wetgevende of andere maatregelen te nemen die nodig kunnen zijn om het gebruikmaken van diensten die het voorwerp zijn van uitbuiting als omschreven in artikel 4, onderdeel a, van dit Verdrag, in de wetenschap dat de persoon een slachtoffer is van mensenhandel, krachtens haar nationale recht strafbaar te stellen.
Verwijst naar
Vorige artikelen
- Artikel 14 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 15 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 16 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 17 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 18 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
Volgende artikelen
- Artikel 20 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 21 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 22 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 23 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel
- Artikel 24 Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel